VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Iedere belegger wil de winnaars bezitten. Momentumbeleggen draait het zoeken om. Aandelen die de afgelopen maanden beter presteerden dan andere, blijven gemiddeld nog een tijdje vooroplopen. Met etf’s kunnen beleggers deze strategie eenvoudig volgen.

‘Momentumbeleggen’ klinkt eigenlijk te eenvoudig om waar te zijn: koop recente winnaars. Toch presteerde een portefeuille die voortdurend wordt aangepast aan de nieuwste beurswinnaars historisch op lange termijn verrassend goed. Daar staat tegenover dat de strategie kwetsbaar kan zijn wanneer markttrends plotseling omslaan.

Het onderzoek
De moderne academische basis voor het momentumfenomeen werd begin jaren negentig gelegd door de hoogleraren Narasimhan Jegadeesh en Sheridan Titman. Zij rangschikten Amerikaanse aandelen op basis van hun eerdere rendement. Vervolgens maakten zij portefeuilles door recente winnaars te kopen en short te gaan in recente verliezers.

De recente winnaars bleken in de daaropvolgende drie tot twaalf maanden gemiddeld opnieuw beter te presteren dan de verliezers. Latere onderzoeken kwamen tot soortgelijke conclusies.  

Reactie op nieuws
Een mogelijke verklaring is dat beleggers soms te voorzichtig reageren op nieuwe informatie en te lang vasthouden aan bestaande visies.

Neem een bedrijf dat een onverwacht hoge winst presenteert en de jaarverwachting naar boven bijstelt. De koers springt dezelfde dag omhoog. Toch kan het aandeel in de weken daarna verder stijgen. De markt heeft het nieuws dan niet gemist, maar mogelijk wel onderschat wat het betekent voor de volgende kwartalen.

Een tweede verklaring is dat goed nieuws in stappen komt. Een eerste herstel van de orders kan later worden gevolgd door hogere investeringsbudgetten bij klanten, opnieuw grote bestellingen en een verhoging van de omzetverwachting. Die latere feiten waren bij de eerdere cijferpresentatie nog niet bekend. De koers past zich dan gaandeweg aan.

Beide mechanismen kunnen elkaar versterken: de markt verwerkt een eerste verbetering geleidelijk, terwijl later aanvullende positieve informatie verschijnt. Momentum ontstaat dan doordat de trend sterker of langduriger blijkt dan de markt eerder aannam.

Ook het ‘verhaal’ van de markt speelt een rol. Veel beursperiodes worden gekenmerkt door een dominant verhaal, waarin bedrijven, sectoren of beleggingsstijlen als toekomstige winnaars of verliezers worden aangewezen.

Beleggers trekken recente ontwikkelingen door naar de toekomst en steeds meer geld stroomt naar dezelfde marktsegmenten. Maar als nieuwe cijfers het heersende verhaal ondergraven, kan het vertrouwen ook snel afnemen. Het opgebouwde momentum slaat dan om.

Heeft momentum beleggers beloond?
De academische momentumfactor meet in welke mate winnaars beter presteren dan verliezers. De MSCI World Momentum Index is daarvan een belegbare vertaling op basis van vaste regels.

De index volgt alleen de longkant van dit principe. Hij belegt in een selectie van winnaars, maar neemt geen shortposities in verliezers. De historische resultaten zijn overtuigend. De MSCI World Momentum behaalde tussen eind juni 1996 en eind juni 2026 een gemiddeld rendement van ruim 11 procent per jaar. De reguliere MSCI World kwam uit op ongeveer 8 procent.

Die lange succesreeks is wel deels theoretisch. De MSCI World Momentum Index werd pas in december 2013 geïntroduceerd. De resultaten van vóór die datum zijn achteraf berekend alsof de huidige indexregels toen al bestonden.

Zo’n backtest is informatief, maar er is geen belegger die het papieren rendement van de afgelopen drie decennia volledig heeft gerealiseerd.

Maar ook sinds 2013 presteert momentum prima, zoals de grafiek links laat zien. Een theoretische belegging van 10.000 euro zou bij deze rendementen na ruim 12,5 jaar zijn gegroeid tot ongeveer 61.300 euro met de momentumindex. Bij de MSCI World is dat circa 46.400 euro. Dit is afgezien van fondskosten, maar toont wel het rendement-op-rendement-effect aan.

De recente cijfers laten tegelijk zien hoe grillig de strategie kan zijn. In 2024 was het rendement van momentumaandelen uitzonderlijk hoog. Veel grote technologieaandelen die in 2023 al sterk waren gestegen, zetten hun opmars voort.

Ook in 2026 doet de momentumindex het per saldo beter, maar op korte termijn is er een omslag te zien. Vanaf het recente hoogtepunt daalde de MSCI World Momentum met ruim 15 procent, tegenover ongeveer 3 procent voor de MSCI World.

 

Hoe werkt de MSCI World Momentum Index?
De MSCI World Momentum Index probeert in te spelen op het idee dat koersen een trend blijven volgen. De index begint bij de reguliere MSCI World, met grote en middelgrote bedrijven uit 23 ontwikkelde landen. Deze moederindex bevat bijna 1.300 bedrijven.

Voor ieder aandeel berekent indexbouwer MSCI het koersrendement over zes en twaalf maanden. Daarbij laat MSCI voor beide meetperiodes de recentste maand buiten beschouwing. Daarmee reageert de index minder sterk op het meest recente koersverloop.

MSCI houdt ook rekening met de beweeglijkheid van een aandeel. Een aandeel dat geleidelijk 30 procent stijgt, kan daardoor een betere score krijgen dan een aandeel dat met grote tussentijdse uitslagen 40 procent wint. De scores over zes en twaalf maanden tellen ieder voor de helft mee.

Vervolgens selecteert de index de aandelen met de hoogste momentumscores. Voor het gewicht geldt de weging in de wereldindex als uitgangspunt. Dat wordt verhoogd naarmate de momentumscore sterker is. Zo weegt het Amerikaanse techbedrijf Micron ongeveer 1,1 procent in de reguliere MSCI World, maar ruim 6 procent in de momentumindex. Een groot bedrijf met een sterke koersontwikkeling kan op deze manier een zware positie krijgen.

Ieder kwartaal bekijkt MSCI de portefeuille opnieuw. Aandelen waarvan de score is verslechterd, kunnen verdwijnen. Andere posities krijgen juist meer gewicht.

 

Veel chips in de portefeuille
Net als in de reguliere wereldindex maakt de technologiesector momenteel de dienst uit bij de momentumaandelen. De trendportefeuille bestaat voor ongeveer 32 procent uit technologiebedrijven. Toch ziet die positie er anders uit dan bij de reguliere MSCI World.

In de brede wereldindex bepalen vooral Amerikaanse giganten zoals Nvidia, Microsoft en Apple het beeld. Het momentummandje leunt momenteel nog sterker op de chipindustrie. Geheugenchipmaker Micron heeft met ruim 6 procent veruit de grootste positie.

Ook chipbedrijven AMD, ASML, Intel, Lam Research en Applied Materials staan in de top tien. De chipsector is goed voor bijna een kwart van de momentumindex. In de MSCI World is dat zo’n 13 procent. Wanneer dezelfde koersbeweging veel aandelen uit één sector omhoogtrekt, kan de portefeuille daar dus sterk in geconcentreerd raken.

Dat momentum snel kan omslaan, is goed terug te zien in de samenstelling van de index. Eind 2025 hadden onder meer Nvidia, Broadcom, Oracle en Palantir nog een hoog gewicht. Nu komen ze helemaal niet meer in de portefeuille voor.  

ASML daarentegen werd niet aan de index toegevoegd op het dieptepunt van vorig jaar. Maar na een goede beursreeks zat de chipmachinemaker eind november 2025 weer in het momentummandje. Daarna zette het operationele herstel door. ASML is een van de tien grootste posities in de MSCI World Momentum Index.

Een hoog verloop is inherent aan de momentumstrategie. Het voortdurend selecteren van winnaars leidt tot veel handel. Indexbouwer MSCI rapporteerde over de afgelopen twaalf maanden een indexomzet van bijna 120 procent. Dat betekent grofweg dat in een jaar voor 120 procent van de portefeuille aan posities wordt vervangen of aangepast. Bij de reguliere MSCI World is dat minder dan 3 procent.

 

Twee momentum-etf’s
Voor de MSCI World Momentum Index zijn twee etf’s beschikbaar, uitgegeven door iShares en Xtrackers. De verschillen zijn beperkt. Beide fondsen hebben vergelijkbare jaarlijkse kosten, een serieus belegd vermogen en herbeleggen de ontvangen dividenden automatisch.

In het essentiële-informatiedocument worden de jaarlijks terugkerende kosten uitgesplitst in beheervergoeding en transactiekosten. Factsheets en ander marketingmateriaal vermelden meestal alleen de Total Expense Ratio, of ‘TER’. De transactiekosten die ontstaan bij het handelen binnen het fonds zijn daarin niet opgenomen.

Bij beide etf’s bedraagt de TER momenteel 0,25 procent per jaar. Het essentiële-informatiedocument vermeldt daarnaast geschatte transactiekosten van 0,10 procent voor iShares en 0,09 procent voor Xtrackers. De Xtrackers-etf gebruikt volledige fysieke replicatie. De iShares-etf is eveneens fysiek, maar past optimalisatie toe: het fonds kan met een selectie van aandelen proberen het rendement van de index zo nauwkeurig mogelijk te benaderen.

Beide fondsen hebben vergelijkbare kosten, maar Xtrackers volgde tot 3 november 2016 een andere momentumindex. Om te beoordelen welk fonds de MSCI World Momentum Index beter volgt, bekijken we de rendementen vanaf die datum. Ter vergelijking ook het rendement van de MSCI World.

Beide etf’s volgen de netto-rendementsvariant van de MSCI World Momentum Index. Daarin is dividend na aftrek van belasting weer opgeteld in de indexwaarde. Beide fondsen blijven iets achter bij de index.

Dat verschil komt onder meer door de beheervergoeding, transactiekosten binnen de fondsen en verschillen in replicatiemethode. Opbrengsten uit het uitlenen van effecten kunnen een deel van die kosten compenseren. Over deze periode hield Xtrackers de index iets beter bij.

 

Wanneer keert de trend?
Het historische rendement van momentum boven de brede markt is substantieel. Dat resultaat ontstond in verschillende periodes waarin marktwinnaars langdurig bleven winnen.

Daar staat duidelijk kwetsbaarheid tegenover. Momentum presteert vaak het zwakst wanneer de markt plotseling draait: eerdere verliezers herstellen dan sterk, of eerdere winnaars dalen snel.  

De index past zich pas met vertraging aan.

Het recentste duidelijke voorbeeld is 2023. Na de koersdalingen van 2022 herstelde een deel van de grote technologieaandelen snel. Hun momentumscores waren aanvankelijk nog zwak, waardoor de index verschillende nieuwe beurswinnaars pas met vertraging opnam. De MSCI World Momentum steeg dat jaar in euro’s met ongeveer 8 procent, tegen bijna 20 procent voor de MSCI World.

Dat illustreert de afweging bij momentum. De strategie kan sterk profiteren wanneer markttrends lang aanhouden, maar plotselinge omslagen kunnen voor stevige achterstanden zorgen. Bovendien kunnen populaire sectoren een groot gewicht krijgen en leidt de systematische vervanging van aandelen tot veel meer handel dan bij een gewone wereldindex.

Momentum probeert beurswinnaars niet te voorspellen. De markt moet die winnaars eerst aanwijzen. Dat heeft historisch goed uitgepakt, maar de prijs daarvoor is dat de strategie altijd een stap achterloopt wanneer de trend onverwacht draait. 


VEB-lidmaatschap
Nog geen VEB-account?
Voor toegang tot de volledige website dient u een VEB-lidmaatschap aan te houden en in te loggen. Indien u lid bent, maar nog geen account heeft kunt u ook klikken op ‘inloggen’ en daarna een account aanmaken.
Meer infomatie over het VEB -lidmaatschap